Eerder stoppen met werken en je pensioen niet meteen in laten gaan, slim of niet?

In het kort: Je wilt eerder stoppen met werken en je pensioen niet meteen in laten gaan. Is dat slim of juist niet? Als je genoeg spaargeld hebt, kun je de eerste periode namelijk ook uit je spaargeld overbruggen. Wanneer je dat doet, dan heb je in de eerste jaren minder spaargeld, en dus een lager totaal vermogen. Maar je krijgt wel elke maand een hoger pensioen uitgekeerd. Daardoor groeit je spaargeld weer aan. Meestal is ergens tussen je 80e en 85e jaar het spaarvermogen in beide situaties aan elkaar gelijk. In het onderstaande rekenvoorbeeld is het op 82 jarige leeftijd. Tot die leeftijd is het voor je spaargeld gunstiger om je pensioen meteen in te laten gaan. Na die leeftijd pakt het andere scenario, eerst je spaargeld opmaken, gunstiger uit. Het is aan jou om te bepalen wanneer jij het hoogste spaarvermogen wilt hebben.

Je wilt eerder stoppen met werken en je pensioen niet meteen in laten gaan. Eerder schreef ik over de financiële gevolgen van eerder stoppen. Maar daarbij ben ik toen uitgegaan van de situatie dat je dan je pensioen meteen laat uitkeren. Maar wat als je voldoende spaargeld hebt om die eerste periode uit je eigen middelen te overbruggen? Is het dan slimmer om je pensioen later te laten ingaan, je spaargeld te gebruiken en te profiteren van minder belasting betalen en eventueel toeslagen? En wanneer je jouw pensioen niet vervroegd, krijg je de rest van je leven een hoger pensioen, ook dat kan gunstig zijn.

Lees ook:
Eerder stoppen met werken, wat zijn de financiële gevolgen

Pensioen eerder laten ingaan en belasting

Als je er voor kiest om je pensioen eerder dan de AOW-leeftijd te laten ingaan, dan betaal je belasting volgens het hogere tarief. Als je jouw pensioen niet in laat gaan, maar pas laat uitkeren ná je AOW-leeftijd, dan betaal je gemiddeld een lager belastingtarief.

Alleen dat belastingvoordeel is beperkt tot de eerste belastingschijf. Is je totale inkomen hoger dan € 38.441,- na de AOW-leeftijd, dan kun je het meerdere vaak ook voor je AOW-leeftijd laten uitkeren zonder belasting nadeel, want over het meerdere betaal je per saldo dan hetzelfde tarief. Je hebt daarnaast ook nog te maken met heffingskortingen. Het kan daardoor gunstiger zijn om je pensioen toch eerder te laten uitkeren.

Pensioen niet laten ingaan en toeslagen

Wanneer je jouw pensioen niet laat ingaan, dan heb je in de eerste jaren geen inkomen. Je komt dan mogelijk in aanmerking voor toeslagen.

Als je geen of een laag inkomen hebt, kom je mogelijk in aanmerking voor de zorgtoeslag. Hoe lager je inkomen, hoe hoger je toeslag. Je kunt dus de maximale zorgtoeslag krijgen. Maar bij de zorgtoeslag telt je vermogen mee als toets. Is je vermogen groter dan € 141.896,- (alleenstaand) of groter dan € 179.429,- (als je een partner hebt), dan heb je geen recht meer op zorgtoeslag.

Heb je geen of een laag inkomen dan kom je ook in aanmerking voor huurtoeslag. Ook hierbij geldt een vermogenstoets. De grenzen hierbij zijn € 37.395,- (alleenstaand) en € 74.790,- (als je een partner hebt).

Inkomensmiddeling

Hoge en lage inkomens kon je in het verleden middelen. Dan was het hebben van een laag inkomen soms extra gunstig. Maar deze regeling is in 2023 afgeschaft. Hier kan je dus geen gebruik meer van maken. Ik hou daar dus geen rekening meer mee in mijn analyse.

Hoe pakt het financieel uit?

Ik heb een voorbeeld berekening gemaakt van iemand met een pensioen van € 30.000,- per jaar dat uitkeert vanaf 67 jaar bovenop de AOW. Deze persoon heeft een partner die even oud is en de partner heeft een pensioen van € 10.000,- bruto per jaar, ook vanaf 67 jaar. Ze hebben samen € 100.000,- spaargeld. Ze gaan op 65-jarige leeftijd met pensioen.

Voor eenvoud reken ik zonder inflatie en zonder rente over het spaargeld.

Situatie 1 – Eerder stoppen met werken en het pensioen meteen laten ingaan

Ze kiezen ervoor om het pensioen eerder in te laten gaan, waardoor het maandelijkse pensioen lager wordt. Daarnaast zetten ze een deel van het levenslange pensioen om in een overbrugging, zodanig dat ze voor en na de AOW-leeftijd netto hetzelfde inkomen hebben. De netto uitkering per maand is € 2.650,- en voor de partner € 1.585,-, totaal € 4.235,- netto per maand.

Wat er binnenkomt gaat iedere maand op. Er staat wel € 100.000,- spaargeld op de bank. Dat saldo blijft gedurende de rest van hun leven dan onveranderd.

Situatie 2 – Eerder stoppen met werken en het pensioen niet meteen laten ingaan

In deze situatie kiezen ze ervoor om niet het pensioen meteen in te laten gaan, maar eerst te leven van het spaargeld. Ze betalen dan in de eerste twee jaar geen belasting, want ze hebben geen inkomen. Ze komen in aanmerking voor zorgtoeslag. Ze krijgen geen huurtoeslag want ze hebben een koopwoning.

Doordat ze het pensioen niet vervroegen, blijft het pensioen het oorspronkelijke bedrag. Ze krijgen als het pensioen en de AOW zijn ingegaan netto € 2.975,- en € 1.870,- per maand. In totaal krijgen ze dus € 4.845,- netto per maand.

Tot pensioendatum leven ze van hun spaargeld, en de zorgtoeslag. Met hun uitgavenpatroon gaat de € 100.000,- spaargeld bijna helemaal op. Er blijft op 67-jarige leeftijd nog ongeveer € 4.000,- spaargeld over.

Maar het spaargeld groeit daarna weer aan, want na ingang van het pensioen krijgen ze een hogere uitkering per maand. Ze houden ruim 600,- per maand over die ze weer toevoegen aan hun spaargeld.

Conclusie

In situatie 2 is het spaargeld gedurende de eerste jaren altijd lager. Het groeit aan, maar om op de € 100.000,- uit situatie 1 uit te komen duurt dat tot 2042, wanneer ze 82 jaar oud zijn. Tot dat moment is situatie 1 dus altijd gunstiger. Daarna houden ze nog steeds € 600,- per maand extra over, waardoor er vanaf dat moment een voordeel ontstaat.

De ene situatie is dus niet beter dan de andere. Op 82-jarige leeftijd is het exact aan elkaar gelijk. Maar situatie 1 is tot 82 jaar gunstiger, daarna ongunstiger dan situatie 2.

De vraag is dus, wanneer wil je in dit voorbeeld beschikken over het meeste geld, voordat je 82 jaar wordt, of pas daarna? Het antwoord op die vraag bepaald het scenario dat je kiest.

Ik heb een algemeen en vereenvoudigd voorbeeld gebruikt. Dit geeft de systematiek weer. Iedere situatie is anders en het antwoord op de vraag wanneer het omslagpunt is, zal per situatie verschillen. Wil jij een gedegen beslissing nemen, reken het dan voor jezelf helemaal door. Kun je hier hulp bij gebruiken, klik dan op onderstaande button.

Foto: Kaboompics.com – Pexels.com

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *